Dutch

Detailed Translations for meegaandheid from Dutch to English

meegaandheid:

meegaandheid [de ~ (v)] noun

  1. de meegaandheid (volgzaamheid)
    the compliance; the complaisance; the compliantness; the pliability

Translation Matrix for meegaandheid:

NounRelated TranslationsOther Translations
complaisance meegaandheid; volgzaamheid dienst; dienstbaarheid; dienstvaardigheid; gedienstige handeling; gedienstigheid; voorkomendheid
compliance meegaandheid; volgzaamheid compliance; consideratie; dienst; dienstbaarheid; dienstvaardigheid; gedienstige handeling; gedienstigheid; inschikkelijkheid; naleving; toegeeflijkheid; voorkomendheid
compliantness meegaandheid; volgzaamheid
pliability meegaandheid; volgzaamheid

Related Words for "meegaandheid":


Wiktionary Translations for meegaandheid:


Cross Translation:
FromToVia
meegaandheid manageability; tractability docilitéqualité de celui, de celle ou de ceux, qui sont dociles.
meegaandheid manageability; tractability obéissanceaction de celui, de celle, qui obéir.
meegaandheid manageability; tractability souplessequalité de ce qui est souple, de ce qui se plier aisément.

meegaandheid form of meegaand:


Translation Matrix for meegaand:

NounRelated TranslationsOther Translations
submissive onderdanige
yielding aflevering; afstaan; opgave van de strijd; overdracht; overgeven; uitlevering
AdjectiveRelated TranslationsOther Translations
accommodating gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend
amenable gedwee; meegaand; onderworpen; volgzaam benaderbaar; genaakbaar; open; toegankelijk
complaisant gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend aanspreekbaar; behulpzaam; beleefd; benaderbaar; bereidwillig; beschaafd; gedienstig; gemanierd; genaakbaar; inschikkelijk; toegankelijk; toeschietelijk; voorkomend; wellevend; welopgevoed
compliant gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend conform
docile gedwee; meegaand; onderworpen; volgzaam dienstbaar; gedienstig; gehoorzaam; slaafs; tam; volgzaam
flexible buigzaam; flexibel; gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend buigbaar; buigzaam; flexibel; lenig; soepel
humble gedwee; meegaand; onderworpen; volgzaam bescheiden; deemoedig; eenvoudig; knechts; nederig; niet voornaam; onderdanig; onderworpen; ootmoedig; serviel; slaafs; van eenvoudige komaf
malleable gedwee; meegaand; onderworpen; volgzaam kneedbaar; plooibaar; smeedbaar; vormbaar; vouwbaar
meek gedwee; meegaand; onderworpen; volgzaam bescheiden; deemoedig; dienstbaar; gedienstig; lijdzaam; nederig; onderdanig; ootmoedig; slaafs; tam; volgzaam
obliging gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend aanspreekbaar; behulpzaam; beleefd; benaderbaar; bereidvaardig; bereidwillig; beschaafd; dienstbaar; dienstvaardig; dienstwillig; gedienstig; gemanierd; genaakbaar; inschikkelijk; tegemoetkomend; toegankelijk; toeschietelijk; verplichtend; voorkomend; vriendelijke; wellevend; welopgevoed; welwillend; willig
pliable gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; onderworpen; soepel; toegeeflijk; toegevend; volgzaam aanspreekbaar; beleefd; benaderbaar; beschaafd; buigbaar; flexibel; gemanierd; genaakbaar; kneedbaar; plooibaar; soepel; toegankelijk; toeschietelijk; voorkomend; vormbaar; vouwbaar; wellevend; welopgevoed
pliant buigzaam; flexibel; meegaand; soepel aanspreekbaar; beleefd; benaderbaar; beschaafd; gemanierd; genaakbaar; toegankelijk; toeschietelijk; voorkomend; wellevend; welopgevoed
ready gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend af; afgedaan; afgelopen; bereidvaardig; bereidwillig; beëindigd; doorgekookt; gaar; gedaan; gepleegd; gereed; gewillig; geëindigd; klaar; over; paraat; uit; voltooid; voorbij; welwillend
submissive gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; onderworpen; soepel; toegeeflijk; toegevend; volgzaam dienstbaar; gedienstig; gehoorzaam; gelaten; knechts; lankmoedig; lijdzaam; onderdanig; onderdanig aan; onderworpen; serviel; slaafs; volgzaam
supple buigzaam; flexibel; meegaand; soepel buigbaar; flexibel; lenig; soepel
tolerant gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend tolerant; verdraagzaam
tractable gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend dienstbaar; dienstwillig; gehoorzaam; willig
willing gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend bereid; bereidvaardig; bereidwillig; dienstbaar; dienstwillig; gehoorzaam; genegen; gewillig; goedgunstig; welwillend; willig
yielding buigzaam; flexibel; gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend
AdverbRelated TranslationsOther Translations
slavishly gedwee; meegaand; onderworpen; volgzaam knechts; onderdanig; onderworpen; serviel; slaafs
ModifierRelated TranslationsOther Translations
servient gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend dienstbaar; dienstwillig; gehoorzaam; willig
simple to operate gedwee; gewillig; inschikkelijk; meegaand; soepel; toegeeflijk; toegevend gemakkelijk te hanteren; handelbaar; hanteerbaar

Related Words for "meegaand":


Wiktionary Translations for meegaand:


Cross Translation:
FromToVia
meegaand accommodating; good-hearted; agreeable; amenable; compliant; conciliatory; yielding accommodant — Qui s’accommoder à tous et à tout.

External Machine Translations: